De Nederlandse canon wordt binnenkort herzien. Daarbij moet er aandacht zijn voor verschillende groepen in de samenleving en moet er ruimte zijn voor de ‘schaduwkanten’ van onze geschiedenis, zo vindt minister Van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap). De canon is een verzameling van belangrijke gebeurtenissen uit de Nederlandse geschiedenis. Criticasters vinden dat er momenteel een te rooskleurig beeld wordt geschetst van de geschiedenis en dat er bijvoorbeeld te weinig aandacht is voor vrouwen. Het kabinet lijkt zich daar nu bij aan te sluiten. Zie bijvoorbeeld NRC, 31 mei

Dit leidt (vooral op Twitter) tot een flinke discussie, die wat wegheeft van de ophef rondom het verwijderen van monumentale standbeelden twee jaar terug. Net als toen is er een kamp dat een kritische blik op de geschiedenis voorstaat en verheerlijking van slechte daden wil voorkomen. Daartegenover staat een kamp dat de voorgestelde aanpassing van de canon ervaart als ‘staatsmanipulatie’ van de geschiedenis (of soortgelijke woorden als ‘staatsideologie’). PVV-senator Marjolein Faber vraagt zich af ‘of ze de islamisering van NL, het afpakken van de gulden en de uitlevering aan Brussel ook opnemen’. Daarmee duidt ze op een eenzijdige ideologische insteek van de aanpassing van de canon.

Tweet Marjolein Faber

Ideologie en onderwijs

De canon is vooral relevant omdat er veel gebruik van wordt gemaakt in het onderwijs. Onderzoek van onderzoeksbureau Oberon suggereert dat meer dan de helft van de basisscholen en middelbare scholen gebruikmaakt van de canon voor lesmateriaal. De discussie over de herziening van de canon is daarmee automatisch ook een discussie over ideologie in het onderwijs. De canon maakt tastbaar dat kinderen op school niet álles kunnen leren; er moet een selectie worden gemaakt. De huidige discussie toont aan dat die selectie behoorlijk ideologisch geladen is.

Een ‘neutraal’ canon is onmogelijk: je kunt niet een selectie maken van vijftig momenten en mensen uit de geschiedenis waar iedereen tevreden mee is. Een boeiende vraag is dus: welke boodschap zou de canon moeten meegeven? Die boodschap zal in de meeste gevallen overeenkomen met de opvatting van een heersende groep in de samenleving. In dit geval wordt de canon bijvoorbeeld herzien door een commissie die is ingesteld door het kabinet en waarbij minister Van Engelshoven al een duidelijke boodschap heeft meegegeven. Het lijkt onlogisch dat de canon vervolgens gevuld wordt met een ideologische lading die niet overeenkomt met die van de heersende partijen.

Als je ideologie overeenkomt met wat de meeste mensen om je heen geloven, herken je het niet als een ideologie

Retorisch gezien is het dan ook vreemd dat als tegenargument wordt gebruikt dat deze herziening getuigt van staatsideologie. Een eerlijk antwoord daarop zou zijn: "natuurlijk is dit staatsideologie!" En als de democratie zijn werk doet, komt die staatsideologie overeen met wat een groot deel van de inwoners gelooft. Het woord ‘ideologie’ heeft vaak een negatieve lading, en ook dat is vreemd: iedereen heeft een ideologie. Als die ideologie overeenkomt met wat de meeste mensen om je heen geloven, herken je het echter niet als een ideologie. Daarom worden de uitspraken van Van Engelshoven ook opgevat als staatsideologie door degenen die het er niet mee eens zijn, maar niet door de ‘gelovigen’ in deze ideologie.

Maak ideologie expliciet

Een ideologievrije canon (en daarmee ideologievrij onderwijs) bestaat dus niet. Het lijkt me daarom het beste om expliciet te zijn over de ideologie die je aanhangt. Een school die inclusie en diversiteit belangrijk vindt en daarom extra aandacht besteedt aan de verschrikkingen van de slavernij, zou duidelijk moeten uitdragen dat dit zijn ideologie of visie is. Hetzelfde geldt voor een school die zich liever op andere zaken focust.

Een minstens net zo belangrijke vraag is: wat wil je vooral niet dat kinderen leren? De meeste mensen zijn het erover eens dat kinderen op zijn minst kennis moeten hebben van verschillende leefwijzen en ideologieën. Maar onderwijs gaat ook over thema’s als burgerschap en persoonsvorming. Is het bijvoorbeeld acceptabel dat een leerling uitspreekt te sympathiseren met neonazi’s en zich niet wil conformeren aan de normen, waarden en wetten van Nederland? Ook dat is een ideologische afweging.

Ik hoop daarom dat de commissie die de canon herziet goed duidelijk maakt op grond van welke overtuigingen dit is gebeurd. Want uiteindelijk zullen mensen keuzes moeten maken over wat wel en niet in de canon hoort. Als we weten waar deze keuzes op zijn gebaseerd, is het ook makkelijker om uit te drukken waarom je het er wel of niet mee eens bent.

Geschreven door

Kevin Willemsen

onderzoeker – analyseert online netwerken, kwalitatief en kwantitatief

Inspiratie over Onderwijs en Ontwikkelen?

Ontvang een paar keer per jaar een inzicht, publicatie, of tip voor een bijeenkomst.