Waarom burgerparticipatie niet zoveel verschilt van stakeholdergesprekken 

Participatie  Bestuur en Democratie

Plan van aanpak hier, beleidskader daar. En weer ergens anders een uitvoeringsagenda. Overheden werken continu aan nieuw beleid. Daarbij is het belangrijk om niet alleen achter een bureau plannen te maken, maar ook in gesprek te gaan met de mensen die ermee te maken krijgen. 

DSCF0135 1

EMMA begeleidt participatietrajecten voor overheden en organisaties. Soms gaat dat om gesprekken met professionele stakeholders en soms gaat het om gesprekken met inwoners. Die gesprekken lijken op elkaar, maar vragen niet altijd om dezelfde aanpak. 

Wat is het verschil tussen een gesprek met professionals en een gesprek met inwoners? En wat vraagt dat van goede gespreksbegeleiding? 

De vraag achter de vraag

Een participatietraject begint altijd met de vraag achter de vraag. Waarom wil een overheid dat professionals of inwoners meedenken over beleid? En welke ruimte krijgen deelnemers om invloed te hebben?

Het maakt uit of deelnemers reageren op een bestaand plan, of vanaf het begin mogen meedenken. Die ruimte moet vooraf duidelijk zijn. Anders ontstaan er snel verkeerde verwachtingen. Mensen willen graag weten wat er met hun inbreng gebeurt. 

Stakeholders en inwoners brengen andere kennis mee

Soms is de verwachting dat professionele stakeholders meer kennis hebben van een onderwerp. Dat klopt lang niet altijd. Wel kennen zij vaak de terminologie en de uitdagingen binnen hun eigen organisatie. Daardoor kun je, met goed doorvragen, snel ‘to the point’ komen.

Bij gespreksbegeleiding met inwoners is dat lastiger. Deze groep is minder homogeen. Mensen hebben andere achtergronden, opleidingsniveaus en kennis van het onderwerp. Dat vraagt om een begeleider die scherp luistert. Door goed door te vragen en ieders bijdrage een plek te geven, wordt gaandeweg duidelijk hoe beleid in de praktijk kan uitpakken. Juist daar zit de kennis van inwoners.  

Thuis laten voelen 

Tot slot vraagt elke groep om andere aandacht. Voor professionele stakeholders zijn participatiesessies vaak onderdeel van hun werkweek. Ze zijn gewend aan deze setting en aan contact met de overheid. Daardoor zijn ze meestal sneller op hun gemak.

Bij inwoners is dit vaak niet zo. Daarom is het belangrijk om elkaar eerst te leren kennen. Wat maakt dat mensen meedoen? Welke ervaring nemen zij mee? En wat hopen zij uit het gesprek te halen? Door daar ruimte voor te maken, begrijp je elkaar beter. Dat is fijn voor de deelnemers en nuttig voor het gesprek als geheel.  

Ruimte maken voor een goed gesprek 

Tegelijkertijd verschillen professionals en inwoners minder van elkaar dan je misschien denkt. In beide groepen zitten kennis en ervaring. En in beide gevallen is het belangrijk om vooraf duidelijk te zijn over de verwachtingen. In beide gevallen helpen werkvormen om tot de kern te komen.

Het verschil zit vooral in de setting. Voor stakeholders is participatie vaak bekend terrein. Voor inwoners is het vaker nieuw. Dat vraagt om extra aandacht voor taal, tempo en vertrouwen. Juist dan ontstaat er ruimte voor een goed gesprek, waarin mensen zich gehoord voelen en hun persoonlijke ervaring kan bijdragen aan beter en inclusiever beleid.