Regionale Energiestrategie: 4 adviezen voor participatie en communicatie 

Participatie  Klimaat en Energie

De energietransitie vraagt om keuzes. Waar wekken we duurzame energie op? Hoe organiseren we warmte? Hoe betrekken we inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties en bestuurders bij besluiten die hun leefomgeving raken? 

RES Bijeenkomst

In de Regionale Energiestrategie, kortweg RES, komen veel vragen samen. Dat maakt de RES belangrijk, maar ook ingewikkeld. Gemeenten, provincies, waterschappen, netbeheerders en andere partijen werken samen aan één regionale aanpak, zonder dat één partij simpelweg de baas is. Ondertussen verwachten inwoners duidelijke informatie, bestuurders voldoende houvast en professionals een proces dat vooruit blijft bewegen. 

EMMA helpt overheden en regio’s bij de communicatie en participatie rond dit soort maatschappelijke opgaven. We ontwerpen participatieprocessen, ontwikkelen communicatiestrategieën en ondersteunen bij de uitvoering. Vanuit die ervaring zien we vier lessen die helpen om de RES concreet, menselijk en werkbaar te houden. 

Eerst: Wat is de RES?

De Regionale Energiestrategie is een regionale aanpak voor de energietransitie. In Nederland werken regio’s aan plannen voor duurzame opwek van elektriciteit, warmte, energiebesparing en de ruimtelijke inpassing daarvan. Gemeenten, provincies, waterschappen, netbeheerders, inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties hebben daar allemaal een rol in. De RES gaat dus niet alleen over techniek, maar ook over samenwerking, keuzes maken en goed gesprek. 

In Noord-Brabant hielpen wij regio's om communicatie en participatie binnen de RES slim vorm te geven. ''Het is multilevel governance, nieuwe stijl: samen iets doen, waarbij niemand de baas is'', aldus Jonneke Stans, expert op het gebied van klimaat en energie en partner bij EMMA. 

Les 1: Laat het idee los om de gehele regio opnieuw te ontwerpen 

De RES raakt veel andere vraagstukken: landbouw, woningbouw, natuur, economie, ruimte, mobiliteit en leefbaarheid. Het is logisch om naar die samenhang te kijken. Een zonneveld, warmtenet of windlocatie staat immers nooit los van de omgeving. Tegelijk schuilt daar een risico in. Hoe meer onderwerpen je tegelijk wilt oplossen, hoe groter de kans dat het proces vastloopt. De opgaven rond duurzame opwek, warmte en energiebesparing zijn op zichzelf al complex genoeg. Koppelkansen zijn waardevol, maar ze moeten het proces niet verlammen. 

Een werkbare RES vraagt daarom om scherpe keuzes. Wat moet nu worden besloten? Waar is aanvullend onderzoek nodig? Welke onderwerpen horen in dit traject en welke vragen moeten op een ander moment of in een ander proces worden opgepakt? 

Concreet blijven helpt. Niet alles hoeft in één keer. Soms is het beter om één duidelijke stap te zetten dan om te wachten op het perfecte integrale plaatje. 

Les 2: Begin met een concreet onderwerp waarover mensen kunnen meepraten 

Participatie over de energietransitie wordt lastig wanneer alles nog abstract is. Inwoners kunnen weinig met algemene zinnen over “duurzame opwek”, “warmtetransitie” of “regionale ambities”. Ze willen weten wat het betekent voor hun buurt, hun landschap, hun energierekening of hun bedrijf. Daarom helpt het om het gesprek concreet te maken. Niet: “Wat vindt u van de RES?” Maar bijvoorbeeld: “Welke zorgen en kansen ziet u bij windenergie in deze omgeving?” Of: “Wat heeft uw wijk nodig om stappen te zetten richting aardgasvrij wonen?”

Een concreet onderwerp maakt duidelijk waar inwoners wel en niet over kunnen meepraten. Dat is belangrijk voor vertrouwen. Participatie werkt alleen als mensen begrijpen wat de ruimte voor invloed is. Gaat het om meedenken, adviseren, prioriteren of meebeslissen? En wat gebeurt er met de opbrengst? Ook vormen kunnen concreet en laagdrempelig zijn. Denk aan straatgesprekken, bewonersbijeenkomsten, gebiedstafels, gesprekken met ondernemers, jongerenbijeenkomsten of excursies naar bestaande energieprojecten.  

Jonneke: ''De Gemeente Roosendaal is op straat gesprekken gaan voeren en bezig met een klimaattop voor jongeren. Dan is het in ieder geval duidelijk voor inwoners dat je ermee bezig bent.'' Het doel is niet alleen informatie ophalen, maar ook wederzijds begrip vergroten. 

Les 3: Het o-zo-ware cliché: je werkt met mensen

In RES-processen wordt vaak veel tijdsdruk ervaren. “In het begin werd zoveel tijdsdruk ervaren, dat de meeste regio’s gelijk inhoudelijk van start gingen en er weinig ruimte was om in relaties te investeren”, aldus Jonneke.

De RES is een samenwerkingsopgave. Gemeenten, provincie, waterschap, netbeheerder en andere betrokkenen moeten elkaar weten te vinden. Ze moeten elkaars belangen begrijpen, verantwoordelijkheid voelen en durven benoemen waar het schuurt. Als die basis ontbreekt, wordt er al snel naar elkaar gekeken. Wie neemt de volgende stap? Wie is eigenaar van het probleem? Wie legt het uit aan inwoners of bestuurders?

Investeren in samenwerking is dus geen luxe. Het is nodig om vooruit te komen. Dat begint met duidelijke rollen, gedeelde verwachtingen en tijd voor gesprek. Niet pas als er weerstand ontstaat, maar juist aan het begin van het proces. '' r is nu nog lang naar elkaar gekeken, zonder dat de gedeelde verantwoordelijkheid volledig werd gevoeld. We zien nu dat mensen echt meer voor elkaar doen'', vertelt Jonneke. 

Les 4: Zorg dat werkgroepen elkaar blijven vinden

Het werkt om verschillende werkgroepen regelmatig bij elkaar te brengen. De kunst is om daarin balans te vinden. Je wilt niet alles aan elkaar knopen, want dan wordt het proces onwerkbaar. Maar je wilt ook genoeg delen, zodat werkgroepen niet langs elkaar heen werken. Een praktische vorm is een gezamenlijke werkochtend of werksessie. Het eerste deel werken groepen aan hun eigen plannen. Aan het einde delen ze kort waar ze mee bezig zijn, welke inzichten ze hebben opgedaan en waar ze anderen voor nodig hebben.

Zo hoeft er niet te veel tijd naar afstemming te gaan, terwijl de werkgroep besparing bijvoorbeeld wel kan profiteren van inzichten uit de werkgroep warmte. En communicatie en participatie kunnen beter aansluiten op de inhoudelijke keuzes die eraan komen. Juist in een complex proces als de RES helpt zo’n vast ritme. Het maakt zichtbaar waar samenhang zit en voorkomt dat iedereen vanuit zijn eigen stukje aan het werk is. Een praktische aanpak is om korte gezamenlijke werksessies te organiseren. Teams werken eerst aan hun eigen onderdeel en delen daarna kort waar ze staan, welke keuzes eraan komen en waar ze anderen voor nodig hebben. Zo blijft de samenhang zichtbaar zonder dat het proces onwerkbaar wordt. 

Communicatie en participatie in de RES 

Goede communicatie en participatie lossen de inhoudelijke dilemma’s van de energietransitie niet op. Ze maken wel zichtbaar waar die dilemma’s zitten, welke waarden meespelen en welke keuzes uitlegbaar zijn. Voor EMMA begint dat met luisteren. Wat speelt er in een regio? Welke zorgen leven er bij inwoners? Waar zit energie bij ondernemers of maatschappelijke organisaties? Welke informatie hebben gemeenteraden en bestuurders nodig om hun rol goed te vervullen?

Van daaruit ontwerpen we processen die passen bij de fase van de opgave. Soms gaat het om een brede publieksaanpak. Soms om gerichte gesprekken met belanghebbenden. Soms om strategisch communicatieadvies, gespreksleiding, procesbegeleiding of uitvoerende ondersteuning.

De RES laat zien dat de energietransitie niet alleen een technische of ruimtelijke opgave is. Het is ook een democratische en maatschappelijke opgave. Juist daarom verdienen communicatie en participatie een stevige plek aan tafel: vanaf het begin, concreet en dicht bij de mensen om wie het gaat.