Om een voorbeeld te noemen: “Veel van de vragen waarmee mensen naar de huisarts gaan, zijn niet direct medisch”, vertelt Mary. “Ze hebben te maken met bijvoorbeeld stress, schulden of eenzaamheid. Onderwerpen die veel meer thuishoren in het sociaal domein. Dat kan efficiënter en wel door een betere samenwerking tussen het medisch en sociaal domein."
Wat blijkt uit dit onderzoek? Er is veel goede wil om domeinoverstijgend samen te werken, maar het ontbreekt nog aan structurele afspraken en een duidelijke sturing. “Niet voor niets heet het rapport ‘Pionieren in Niemandsland’, vertelt Mary. “De kaders en randvoorwaarden zijn nog niet goed ingericht, en om die goed op te stellen kost tijd. Maar, er zijn wel veranderingen die we nu al kunnen doorvoeren. Laten we beginnen met experimenteren, met leren van elkaar, ruimte bieden en kennis delen.”
De belangrijkste aanbevelingen naar aanleiding uit dit onderzoek zijn:
- Regionale tafel en bindende afspraken:
Werk toe naar een regionale tafel die bindende afspraken maakt over domeinoverstijgende zorg. Verken welke bestaande overlegstructuren daarvoor geschikt zijn en ontwikkel een ondersteuningsstructuur. - Leerstructuur voor regio’s:
Organiseer een netwerk of leergemeenschap waarin regio’s ervaringen en best practices kunnen delen over sturingsinstrumenten. - Systeemleren op landelijk niveau:
Creëer een overlegstructuur waarin regio’s knelpunten en successen met landelijke partijen kunnen bespreken om stelselknelpunten op te lossen en beleidsaanpassingen door te voeren.
Benieuwd naar de rest van de aanbevelingen? Lees dan het rapport Pionieren in Niemandsland.
De aanbevelingen uit dit rapport zijn meegenomen in de uitwerking van een belangrijk akkoord dat op dinsdag 2 juli werd bereikt, namelijk het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). Dit is een akkoord tussen het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en een breed scala aan zorg- en welzijnsorganisaties, waaronder zorgverzekeraars, gemeenten, patiëntenorganisaties en beroepsverenigingen. Het is bedoeld als aanvulling op het Integraal Zorgakkoord (IZA) en bevat afspraken om de toegankelijkheid en kwaliteit van zorg en ondersteuning te verbeteren, onder andere door het terugdringen van arbeidsmarkttekorten, het verkorten van wachttijden en het versterken van de samenwerking tussen het medisch en sociaal domein.