Straatgesprekken als onderzoeksmethode: zo haal je op wat er leeft

Participatie  Bestuur en Democratie

Hoe gaat het met u? Deze vraag stelden ons team onderzoekers aan 101 mensen in acht verschillende wijken in Den Haag. De gesprekken laten zien hoeveel je te weten komt wanneer je bewoners in hun eigen omgeving opzoekt, een eenvoudige vraag stelt en de tijd neemt om echt naar hun verhalen te luisteren. 

20201016161920

101 straatgesprekken in Den Haag

De gemeente Den Haag wilde – net als veel andere gemeenten – graag weten hoe bewoners van de verschillende Haagse buurten over hun wijk denken. En wat zij vinden van hun gemeentebestuur. Voelt de ‘gemiddelde’ Hagenaar zich wel gehoord? Dat lijkt wellicht ingewikkeld, maar dat hoeft het in de praktijk niet te zijn. EMMA onderzoekers wandelden in acht buurten rond en stelden Hagenaars één vraag: ‘Hoe gaat het met u?’ Genoeg om 101 gesprekken te voeren. Soms van een enkele minuut, maar veel vaker lange gesprekken. 

Tijdens al deze gesprekken kwamen verschillende perspectieven naar voren. Irritaties. Voornamelijk over zwervend afval, kleine en grote diefstallen en gevoelens van onveiligheid. Maar uiteindelijk ging het vaak juist over verlangens. Naar meer ‘verbinding’ onderling, bijvoorbeeld. Naar meer onderlinge, menselijke warmte. En ook naar meer direct contact met ‘de gemeente’ en de professionals die zich met de stad bezighouden. 

Bewoners hoopten op een toegankelijke, bereikbare gemeente. Alleen goed beleid formuleren en dat uitvoeren, is misschien niet meer genoeg. Er is meer behoefte om ‘gewoon’ naar elkaar te luisteren. Om net even wat vaker antwoord te mogen geven op die, op het eerste oog zo eenvoudige, vraag: ‘Hoe gaat het vandaag met u?’ 

De straatgesprekken laten daarmee zien wat kwalitatief onderzoek en veldwerk kunnen opleveren. Door inwoners zelf aan het woord te laten, ontstaat meer inzicht in wat er in buurten speelt, welke zorgen er leven en wat bewoners van hun gemeente nodig hebben.

Twee momenten die de onderzoekers bijbleven 

  1. Mijn buren zijn schatjes 
    We spraken met een moeder en haar dochter. Over buitenlanders zeiden ze: ‘Ze vreten alles op, ze krijgen voorrang op alles, ze komen hier en krijgen meteen een huis toegewezen. En wij moeten jarenlang wachten. Wij worden gekort, we krijgen niks. Terwijl wij ons hele leven keihard moesten werken. We hebben nergens recht meer op. Ik ben aangewezen op de voedselbank en ik zie buitenlanders rondlopen met tassenvol. Waar doen ze dat van? Het is niet eerlijk verdeeld. Buitenlanders zijn ook niet aardig, ze maken geen praatje, niemand zegt gedag. Alleen Nederlanders groeten elkaar.’ Iets verder in het gesprek vertelt de moeder over de voornamelijk buitenlandse bewoners van haar flat: ‘Dat zijn echt schatjes, die ga ik missen als ik ga verhuizen. De mensen zijn erg behulpzaam.’ 
  2. Waar is de gemeente zelf dan?
    Op de laatste dag van de straatgesprekken spraken we een man aan die voor zijn portiek iets aan het eten was. Onze EMMA introduceerde zichzelf en vroeg hem of zij een aantal vragen mocht stellen. Dat mocht. Een vriendelijk gesprek volgde. Met als clou: ‘Het is eigenlijk toch raar dat jij als onderzoeker van een bureau op pad wordt gestuurd om met mensen te praten. Waar is de gemeente zelf? Ik wil juist de ambtenaren uit het stadhuis spreken.’ 

Onderzoeksrapport