De eenentwintigste eeuw staat voor veel mensen synoniem voor méér. Meer vooruitgang, meer welvaart, meer kansen. Dit beeld staat haaks op de meest recente cijfers over ontheemde mensen – van zij die letterlijk ‘niets meer’ hebben zijn er wereldwijd zo’n 71 miljoen (2018). Bijna 26 miljoen daarvan zijn vluchtelingen. Het ‘meer willen’ in hun leven is ver te zoeken, wanneer het een dagelijkse strijd is om alleen al in hun basisbehoeften te voorzien. EMMA’s Kevin Willemsen en Laura Sofie van der Reijden vragen zich af: hoe ontvangen vluchtelingenkinderen onderwijs, een van die basisbehoeften, te midden van politieke onwil en tegenstrijdige belangen?

In alle grote plannen voor de toekomst van bijvoorbeeld Buitenlandse Zaken, de EU en de Verenigde Naties speelt onderwijs een hoofdrol. Goed onderwijs lijkt daarmee soms een panacee: het zorgt voor stabiliteit, duurzaamheid, economische vooruitgang en voorkomt radicalisering. NGO’s en overheden zetten dan ook flink in op onderwijs in de besteding van hun gelden. 

Onze collega Laura Sofie van der Reijden onderzocht recent in Libanon wat er nou echt met deze gelden gebeurt en wat het belang van onderwijs is. Dat onderwijs een ‘oplossing voor alles’ is, is twijfelachtig. Maar duidelijk werd in ieder geval dat onderwijs op een heel basaal niveau van groot belang is, al is het maar omdat het kinderen dagbesteding geeft en een kans om zich te onttrekken aan de chaos om hen heen. In plaats daarvan kunnen ze nadenken over een toekomst na hun huidige misère en - niet op de laatste plaats – leren om te gaan met en het verwerken van trauma’s.  

Naar school als vluchteling 

Ondanks al deze inzet en het ogenschijnlijke belang ervan, volgen veel vluchtelingenkinderen geen onderwijs. Volgens de UNHCR – het vluchtelingenagentschap van de VN – gingen in 2018 vier miljoen vluchtelingenkinderen niet naar school, die daar wel de leeftijd voor hebben. Als die situatie niet zo lang duurt, hoeft dat niet meteen een ramp te zijn. Als deze kinderen echter jarenlang in een vluchtelingenkamp zitten zonder onderwijs en voorbereiding op hun toekomst, groeit de angst voor een ‘verloren generatie’. Deze situatie dreigt momenteel bijvoorbeeld op Griekse eilanden als Lesbos, waar de asielprocedure voor vluchtelingen inmiddels is opgelopen tot een aantal jaar.

Onderwijs op Lesbos 

Dit is een probleem dat ons aangaat. Niet alleen vanwege de overduidelijke humanitaire ramp die zich nu afspeelt. Wij vragen ons ook af of en hoe vluchtelingenkinderen in de huidige situatie in en buiten kampen onderwijs moeten genieten. En hoe het straks verder moet, als de grootste piek van de crisis is bezworen, en ze weer terugkeren naar hun landen van herkomst. Is er een basis waar ze op kunnen bouwen, waar landen die in puin liggen vruchten van kunnen plukken? 

Deze vragen popten op toen Laura sprak met onderwijscollega Kevin Willemsen:

Laura: Dus, Kevin, waarom gaat dit probleem jou aan het hart? In één zin, we weten dat je lang van stof kan zijn.

Kevin: Onderwijs is uitgegroeid tot hét middel van een maatschappij om de volgende generatie op te voeden en van kennis te voorzien die van waarde wordt geacht, maar wat gebeurt er dan met een generatie die daar geen toegang toe heeft en ook geen goed alternatief heeft? 

Laura: Ok, duidelijk. Ik houd me, zoals hierboven al staat, bezig met onderwijs als middel om veiligheid te creëren. Helpt het in het tegengaan van extremisme of voor de verwerking van trauma’s? En hoe help je dan vluchtelingen die geen ‘hulp’ krijgen? Dergelijke vragen wil ik beantwoorden in ons aanstaande onderzoek. Wat wil jij graag uitzoeken? 

Kevin: Ik denk dat gevluchte kinderen, naast acute problemen als traumaverwerking, ook een blik op hun toekomst nodig hebben. Ook een gebrek aan perspectief zorgt voor destabilisatie, niet alleen voor een persoon zelf maar uiteindelijk ook voor de samenleving waarin die persoon zich bevindt. Ik vraag me af of en hoe (middels onderwijs) kinderen in vluchtelingenkampen nog enig zicht houden op een toekomst na hun situatie nu. 

Als we op Lesbos een enigszins draaiend onderwijssysteem kunnen vinden, dan zou dat een mooi lichtpuntje zijn.

Laura: We gaan dus op een queeste. Na een aantal inleidende artikelen – o.a. met trauma-experts, educatie-goeroes en beleidskenners – willen we naar het epicentrum van de vluchtelingencrisis: Lesbos. Waarom? 

Kevin: Op Lesbos komen alle problemen bij elkaar die bij een vluchtelingencrisis komen kijken: gebrek aan voorzieningen, lange wachttijden, onveiligheid, ziekte en spanningen met bewoners. Ook is de politieke wil in Europa simpelweg niet groot om mensen op Lesbos een goed leven te geven, uit angst voor de ‘aanzuigende werking’. Positief geformuleerd: als we op Lesbos een enigszins draaiend onderwijssysteem kunnen vinden, dan zou dat een mooi lichtpuntje zijn. We willen dus ook op zoek naar datgene dat wél goed werkt, of hulpverleners, lokale bewoners of vluchtelingen zelf dit nu hebben opgezet. Maar eerlijk gezegd is de verwachting eerder dat er momenteel niet een goed werkend systeem is, en willen we ook onderzoeken wat daarvan de consequenties zijn. En met mensen praten over mogelijke oplossingen. 

Laura: En wanneer ben je tevreden? Ik heb tamelijk megalomane bedoelingen – dat vertel ik je liever nu alvast. Mijn zinnen staan echt op het verbeteren van de status quo en – hopelijk – kleine veranderingen kunnen aanbrengen. In de beeldvorming van mensen over de situatie in de kampen en vluchtelingen, in beleid. 

Kevin: Megalomane bedoelingen komen soms ook voort uit kleine veranderingen. Ik heb het idee dat er in dit geval al wel genoeg megalomane situaties zijn, waaronder politieke debatten in 27 EU-landen, ethische discussies over menselijke waardigheid van vluchtelingen en instabiele situaties in landen om de EU heen. Het gaat al snel over miljarden euro’s en miljoenen mensen. De reactie daarop is al snel apathisch: dit gaat me boven de pet, ik weet hier niet genoeg vanaf, alleen andere mensen kunnen dit oplossen. 

Daarbij verliezen we vaak uit het oog dat ook die organisaties waar we onze hoop op vestigen uit niets anders bestaan dan een verzameling mensen. Mensen die gewoon maar iets gaan doen of proberen, en daarmee als vanzelf weer andere mensen ‘aansteken’. Ik hoop dus dat wij met ons onderzoek naar boven kunnen halen op welke manier de situatie van vluchtelingen (en daarmee hun gemeenschappen) kan verbeteren door maatregelen op kleine schaal. Door juist het perspectief te leggen op de toekomst van vluchtelingen, die vaak wordt vergeten doordat de problemen nu zo groot zijn. 

Sorry voor het lange antwoord, dit is wat je krijgt als je me meer dan één zin laat gebruiken. 

Laura: Nou... rest me niets anders dan ons succes te wensen. Heb jij nog laatste woorden? 

Kevin: Liever eerste woorden, ter herinnering aan onszelf: we horen en lezen nu veel over de situatie op Lesbos, vooral via mediakanalen. We lezen overal grote statistieken die de ernst van de situatie aangeven. Laten we daarnaast ook een open blik houden op wat er al gebeurt en zou kunnen gebeuren op het eiland. Het lijkt me geen optie om een hele generatie vluchtelingen als verloren te beschouwen. Dus moeten we niet alleen op zoek zijn naar malaise, maar ook naar mogelijkheden. 

 

Geschreven door

Kevin Willemsen

onderzoeker – analyseert online netwerken, kwalitatief en kwantitatief

Laura Sofie van der Reijden

antropologisch onderzoeker - journalist - extremisme en polarisatie

Inspiratie over Onderwijs en Ontwikkelen?

Ontvang een paar keer per jaar een inzicht, publicatie, of tip voor een bijeenkomst.

Inspiratie over Veiligheid en Criminaliteit?

Ontvang een paar keer per jaar een inzicht, publicatie, of tip voor een bijeenkomst.